Persbericht/nieuwsbrief

12-12-2019

Persbericht 

Lancering boek ‘De Haagse streken van Vincent van Gogh’

Deze week werd onder veel belangstelling het boek ‘De Haagse streken van Vincent van Gogh’ (NL) in het Buitenmuseum in Den Haag gepresenteerd. Het boek is uitgegeven door Hofcultuur ter ere van150 jaar Van Gogh in Den Haag. Brieven, kunstwerken en locaties worden in het boek met elkaar verbonden. Met het boek in de hand In kunnen we Van Gogh in Den Haag en haar directe omgeving op de voet volgen. Wat de lancering extra bijzonder maakte, is dat twee achterkleindochters van Theo van Gogh (Vincent’s broer) de eerste exemplaren in ontvangst namen. 

Na een speech door Bart Carpentier Alting, bestuurslid van de Vincent van Gogh Experience en directeur van recreatiegebied Vlietland werd door de auteur Wimmie Hofstra het eerste exemplaar overhandigd. Ook de wethouder Toerisme in Leidschendam-Voorburg, Astrid van Eekelen, was bij de lancering aanwezig. De streken van Van Gogh zijn op drieërlei wijze te interpreteren. Ook in Leidschendam-Voorburg heeft hij de nodige voetstappen gezet. Johan van Gogh, de kleinzoon van Vincents broer Theo, schreef het voorwoord in dit boek en beveelt het boek van harte aan.

Wimmie Hofstra: “Dit boek brengt een ode aan de 6 jaar dat Van Gogh in Den Haag werkte en woonde. U zwerft door de stad en haar omgeving, zoals Van Gogh dat 150 jaar geleden ook heeft gedaan. Nergens in zijn volwassen leven woonde en werkte hij langer dan in Den Haag (1869-1873 en 1881-1883). Van Gogh is Den Haag en haar kunstenaars schatplichtig voor zijn artistieke en culturele ontwikkeling. Geen enkele kunstenaar geeft het schrijnende standsverschil, de industrialisatie en uitbreiding van de stad zo treffend weer. Inspiratie vond hij niet alleen in de stad, maar ook in Scheveningen en de landelijke omgeving van Rijswijk, Voorburg en Leidschendam.”

’Gij zult dat wel met mij eens zijn dat den Haag een zeer eigenaardige plaats is. Het is eigentlijk ’t centrum van de kunstwereld in Holland en tegelijk zijn de omstreken gevarieerd en zeer mooi, zoo dat men er altijd werken kan.’

Vincent van Gogh (1853-1890) is één van de opvallendste en geniaalste kunstenaars uit de negentiende eeuw. In 2019 is het 150 jaar geleden dat hij zich in Den Haag vestigde. Nergens in zijn volwassen leven woonde en werkte hij langer dan in Den Haag (1869-1873 en 1881-1883). Het Haagse verhaal is buitengewoon boeiend en nog vrijwel onbekend. Van Gogh is Den Haag en haar kunstenaars schatplichtig voor zijn artistieke en culturele ontwikkeling. Geen enkele kunstenaar geeft het schrijnende standsverschil, de industrialisatie en uitbreiding van de stad zo treffend weer als Van Gogh. Inspiratie vond hij niet alleen in de stad, maar ook in Scheveningen en de landelijke omgeving van Rijswijk, Voorburg en Leidschendam.

Het boek is het resultaat van uitgebreid onderzoek dat in de afgelopen jaren door kunsthistorica Wimmie Hofstra, MA is gedaan. Nieuwe locaties en inzichten zijn in het boek verwerkt. Daarnaast vertelt het veel over de ontwikkeling van Van Gogh als beginnend kunstenaar en de atelierpraktijk in de negentiende eeuw. Aan de hand van de locaties wordt het verhaal van Vincent van Gogh verteld. Brieven, kunstwerken en locaties worden met elkaar verbonden. De lezer kan de catalogusnummers los lezen, maar kan ook wandelend, varend of op de fiets van locatie naar locatie reizen.

————————-

10 februari 2019

Lancering themajaar Haagse Gouden Eeuw, in woord en beeld, in klank en kleur

Op 8 februari werd door het platform Haagse Historie en Erfgoed in de Regentenkamer van het Hofje van Nieuwkoop het themajaar Haagse Gouden Eeuw gelanceerd. Uniek in de geschiedenis van Den Haag is dat zoveel stichtingen, musea en erfgoedinstellingen zich hebben verenigd rond een gezamenlijk thema. Hoewel het themajaar aansluit op het landelijke thema ‘Rembrandt en de Gouden Eeuw’ heeft het Haagse themajaar een geheel eigen DNA. Den Haag speelde in de Gouden Eeuw een prominente rol in de Republiek. Het was de Hofstad, het centrum van macht en bestuur en de bakermat van kunst en wetenschap. Onder de noemer ’Haagse Gouden Eeuw, in woord en beeld, in klank en kleur’ is het resultaat van de succesvolle samenwerking gelanceerd met een gezamenlijke programmering. Er is gestreefd naar een grote diversiteit aan activiteiten en een zo volledig mogelijk beeld van Den Haag in de Gouden Eeuw. Bezoekers kunnen met de activiteitenkalender Den Haag beleven in de Gouden Eeuw en genieten van authentieke en persoonlijke ervaringen.

Lezingen, proeverijen, tentoonstellingen, theatervoorstellingen, workshops, rondleidingen, boottochten, wandelingen en fietstochten; er is voor iedereen wel iets interessants bij. Het resultaat van de samenwerking is een 6 pagina’s tellende folder met een overzicht van alle activiteiten die Haagse verenigingen, stichtingen en musea organiseren rond het thema ‘Haagse Gouden Eeuw, in woord en beeld, in klank en kleur’.

In Den Haag en Voorburg zijn nog vele iconische sporen van de zeventiende eeuw bewaard gebleven. Den Haag was de Hofstad, waar stadhouder Frederik Hendrik en prinses Amalia van Solms goede sier maakten rond het Binnenhof en de Hofvijver. Maar ook de plek waar prins Maurits in 1619 aanstuurde op de onthoofding van raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt, en prins Willem III in 1672 een rol speelde bij de moord op de gebroeders De Witt.  Hugo de Groot bepleitte vrije handel over zee en Spinoza voltooide zijn Ethica met de roep om vrijheid van godsdienst en meningsuiting. Zijn passie voor fysica en lenzenslijpen deelde hij met wis-, natuur- en sterrenkundige Christiaan Huygens. Diens vader Constantijn was secretaris van de Oranjes en gaf de Republiek allure als dichter, componist en kunstkenner. Net zo illuster waren de kunstenaars aan de Dunne Bierkade – waar Jan Steen schilderde, Paulus Potter zijn ‘Stier’ op het doek zette en Jan van Goyen werkte aan zijn schilderij ‘Gezicht op Den Haag vanuit het zuidoosten’. Aandacht is er voor het Hofje van Nieuwkoop en de Haagse grachten die toen gegraven werden. De vaarroutes en trekschuiten brachten welvaart dankzij de bedrijvigheid die ontstond aan de kades met hun talloze handelshuizen. 

Alle activiteiten staan vermeld op https://www.haagsehistorie.nl

Het programma van https://buitenmuseum.com/jaarprogramma-2019/

————————————————————————————

————————————————————————————

1 november 2017

Onthulling Grote Gaper Buitenmuseum

De Grote Gaper op de Dunne Bierkade is gerestaureerd. Op dinsdag 7 november zal de onthulling plaatsvinden door Wimmie Hofstra MA, directeur van het Buitenmuseum.

Vlakbij de Spinozapoort staat een prachtig pandje met hoog op de gevel de Grote Gaper. Het beeld en de plaatsing ervan stelt velen voor een raadsel. Want, is een gaper eigenlijk wel een gaper? Gaapt hij, of steekt hij zijn tong uit? en hoe zit dat met deze specifieke gaper? Wat is de functie van deze gaper op dit specifieke pand?  

Gapers in het algemeen

Gapers kwamen van oudsher voor op de gevel als uithangbord van apotheken in de Lage Landen. De gaper was ook een kwaliteitsaanduiding, zoals tegenwoordig het predikaat ‘Hofleverancier’, een bepaalde status verleend aan de ondernemer. De mond van de gaper staat niet open om te gapen, maar om een medicijn in te nemen. Het verwrongen gelaat is te verklaren doordat het medicijn vies smaakt; bitter in de mond maakt het hart gezond. Het is dan ook vaak een karakterkop met een grimas. Vanaf de Gouden Eeuw komen er steeds meer exotische gapers voor. De gaper, vaak een karakterkop met een tulband, werd het symbool voor de herkomst van de ingrediënten van de medicijnen, het VOC-gebied. Sommige gapers droegen de zotskap met belletjes van de nar. Deze vorm van volkskunst paste prima in de traditie van schilderijen als ‘de kwakzalver, zoals Jan Steen deze maakte in de vijf jaar dat hij hier in Den Haag op deze kade werkte.

De Grote Gaper

Maar de Grote Gaper op de Dunne Bierkade valt in een aparte categorie. De Grote Gaper draagt een slaapmuts. Geeuwt hij bij het wakker worden? Of slaakt hij net als Edvard Munch een gekwelde schreeuw naar de vele tienduizenden toeristen die hier jaarlijks voorbij komen, per rondvaartboot of te voet in het gevolg van een stadsgids? En die hem op hun beurt aangapen? Of gaapt hij hen na? En hoe zit dat met het prachtige pandje waarop de gaper prijkt? Was hier een apotheek, waar je naast de Oudhollandse snoep ook de vele bittere geneeskundige kruiden en pillen kon halen?

Het is alles fantasie. De houten Gaper is pas in de 70er jaren van de 20ste eeuw in opdracht van Dhr. Voorhoeve gebeeldhouwd door Ernst Hazenbroek. Deze kunstenaar is bekend om zijn reusachtige beelden uit plaatstaal in Amersfoort en Alpen aan de Rijn, maar ook vanwege het beeld ‘Placebo’ in de Grote Marktstraat. Het beeld past in de traditie van de volkskunst en is een vrolijke knipoog naar het verleden van deze gracht, waar in vroegere tijden een paar deuren verder een drogisterij was te vinden. Niet hier, maar in het pand waar ook de paleizenbouwer Van Balckeneynde gewoond heeft en waar aan het einde van de achttiende eeuw het Haags Porselein werd gefabriceerd. Tegenwoordig maken al deze verhalen van het Buitenmuseum, schilderrijk Den Haag. 

Meer informatie: www.buitenmuseum.com

——————-